Hotspots Slider Travel World

Zo spendeer je het best 72 uur in Oslo


Na onze roadtrip van Aarhus naar Kopenhagen hebben we een beetje de ‘Scandinavische koorts’ opgelopen. Da’s helemaal niet erg, want gelukkig gaat deze koorts goed samen met onze drang om zoveel mogelijk toffe plekken op de wereld te zien. Toen we hoorden dat we voor anderhalve dag in Oslo moesten zijn besloten we er dan ook direct anderhalve dag aan vast te plakken, want dat verdient deze stad wel.

Omdat we relatief kort – welgeteld 72 uur dus – in Oslo verbleven, zijn we onze kostbare tijd gaan opdelen. De zaterdag was al weg met afspraken, dus trokken we er zondag met de auto op uit om de omgeving rondom Oslo te ontdekken. We namen hiervoor de nieuwste volledig elektrische auto van Opel mee (lees ons uitgebreide review hier), de Ampera-e. Nu zouden wij normaliter doodsbang zijn om er met een elektrische auto in een ‘vreemd land’ op uit te trekken uit angst voor een lege accu en een missend stopcontact, maar da’s met deze prachtbak een ander verhaal.

Deze futuristische auto met pittig karakter heeft namelijk een actieradius van 380 kilometer én Noorwegen heeft de meeste (snel)laadpalen ter wereld staan. Een beetje wat wij in Nederland met fietsen hebben, hebben de Noren met elektrische auto’s, het is werkelijk waar een mooie ervaring. Om de auto zie je wel een Tesla of ander elektrische pracht voorbij zoeven, dus de angst voor een lege accu is al snel weg. Omdat we vol vertrouwen hebben in de Ampera-e en deze auto qua snelheid ook nog eens iedereen achter zich laat, trekken we de stoute schoenen en gaan naar een ver zuidelijk punt van Noorwegen: Folehavna Fort:

Artikel gaat hieronder verder

De zon schijnt als een malle, dus onderweg stoppen we in elk pittoresk dorpje dat we tegenkomen. De term ‘pittoresk’ wordt trouwens al snel gebruikt tegenwoordig, maar de dorpjes in Noorwegen zijn onder begeleiding van een zonnestraal ook écht pittoresk. Zo maakten we een culinaire pitstop in Sandefjord net voordat we naar Folehavna trokken en dat dorpje aan de zee ziet er toch wel zo ontzettend prachtig uit:

Nadat we onszelf en de auto (voor de zekerheid) weer hebben opgeladen trekken we naar het ‘fort’. Dat blijkt alleen geen fort meer te zijn, maar een gigantische ruïne. Maakt helemaal geen fluit uit, want het uitzicht dat je hier over de ruwe Noordzee hebt is ongekend én je loopt hier ook nog eens het merendeel van de tijd in je uppie. Echt een aanrader! Op de terugweg naar Oslo city besluiten we een stukje om te rijden via de ‘rechterflank’ en de veerboot (deze: http://basto-fosen.no/) naar Moss te pakken. Het kost een paar tientjes, maar daar krijg je wel een leuke ervaring voor terug, want met je waggie op zo’n ferry is altijd een leuke ervaring. Moss is best leuk voor een pitstop, maar wint het zeker niet van Oslo. Snel door dus!

We hebben in twee verschillende hotels geslapen. Een nacht in The Thief (waanzinnig) en een nacht in Thon Hotel Rosenkrantz (ook heel goed). Bij The Thief reken je aan het eind ongeveer één goudstaaf af, maar dan slaap je wel in het mooiste hotel van Noorwegen. Het Thon is ook best mooi en vooral top qua locatie, maar is zeker niet The Thief. Toch moet je een beetje op de centen letten in Noorwegen, want voor je het weet ga je blut naar huis. Maar, we hebben een cruciale fout gemaakt door niet van tevoren het weerbericht te checken, want na onze eerste 1,5 dag thunderen in de auto met zon op ons bol, was dit het uitzicht bij het wakker worden in het Thon:

IMG_4038

Nee dit is niet opgenomen in december 2016, dit is toch echt eind april 2017. Sneeuw, sneeuw en nog eens sneeuw is wat de Noorse hoofdstad ons te bieden heeft die dag, dus de plannen moesten iets gewijzigd worden. Niet van terras naar terras en ronddwalen in de haven, maar op zoek naar warme hotspots (ha), hele warme.

(in vergelijking, dit was het uitzicht uit The Thief een dag eerder:)

De sneeuwstorm bracht ons eerst naar het Edward Munch museum. Normaliter zijn we niet heel erg van de musea bezoeken, maar we hebben altijd al een keertje de dude willen ‘ontmoeten’ die verantwoordelijk is voor dat ontzettend imponerende schilderij ‘De Schreeuw’ (oh en het sneeuwt). We weten niet hoe het met jullie zit, maar dat stukje kunst roept best veel op en dat zijn niet per se veel blije gevoelens. Na 35 minuten en een korte film zijn we het wel weer zat in het museum en stippelen we onze route verder uit onder het genot van een bakkie. Het is best een interessante plek, want je komt er al snel achter dat die Edward een nogal k*t leven heeft gehad en dat het daarom des te knapper is wat hij allemaal gemaakt heeft. Maar verder is het museum vooral een goede pitstop op weg naar de hipste wijk van Oslo: Grünerløkka.

In deze wijk vind je de bekendste koffiezaak van Noorwegen Tim Wendelboe, die ook internationaal geroemd wordt. Hier drink je geen koffie, hier ervaar je het. Je moet heel even door het hipstergehalte heen bijten, maar dan merk je aan alles dat de mensen hier écht passie hebben voor koffie. Gewoon een bakkie bestellen zit er niet in, want dan krijg je een stel vragen voorgeschoteld waar menig CITO-toets jaloers op is. Gelukkig ziet de barman barista de paniek in onze ogen en stelt voor om zelf iets in te schenken. Dat wordt een bakkie linksomgemalen en heet gebrande bonen uit Ethiopië, die echt wel eventjes anders smaakt dan de duizenden bakken die we ooit eerder hebben gedronken.

De koffie van Tim en zijn troopers heeft ons voldoende energie gegeven om door te lopen naar de Food hallen van Oslo, de ‘Mathallen’. Nu kunnen we hier wel gaan vertellen hoe fantastisch het was, maar Google Maps vergat ons te vertellen dat die toko dicht is op maandag. Whoops en excuses! Maar als we het internet mogen geloven is dit de plek waar alle locals heengaan om gezellig samen een hapje te eten en tot heel laat te tafelen. Van buiten ziet het er in ieder geval wel te gek uit en je ziet aan alles dat dit een opkomende buurt is die veel in haar mars heeft:

Omdat alles in Noorwegen ongeveer één goudstaaf kost, is het handig om van tevoren even op zoek te gaan naar leuke en betaalbare restaurants. Via via hoorden we dat restaurant Smalhans een echte aanrader is, die vol zit met Noren. Het is niet helemaal in het centrum, maar als je een beetje doorloopt vanaf Thon, ben je er in een klein half uurtje. Normaliter kun je hier alleen zogeheten ‘tasting menu’s’ doen van 5 of 7-gangen, maar omdat wij geen reservering hadden konden we voor deze keer (aaah) ook à la carte bestellen. Het is een prachtig restaurant waar je mega veel kunt proeven, want de gerechten zijn ietsje kleiner dan een hoofdgerecht. Denk qua opmaakt aan De School of Choux in Amsterdam en je weet een beetje waar we het over hebben. Zeker een aanrader en (relatief) goedkoop in de stad!

Heeft Noorwegen ons ‘Scandinavische virus’ aangewakkerd?

Eigenlijk moét je wel even de omgeving rondom Oslo gaan ontdekken als je toch de hoofdstad aandoet, want dit is ons verreweg het meest bijgebleven. Begrijp ons niet verkeerd, want als er een ding is waar we echt gek op zijn, dan is het wel het bezoeken en ontdekken van nieuwe grote steden, maar het Noorse landschap is gewoon wel erg bijzonder. Dus huur een auto voor een dag als je Oslo aandoet en ga al die mooie kustplaatsjes af, waarbij je van de een in de andere verbazing valt.

Mocht je wat meer tijd hebben, dan moet je er gewoon een dikke roadtrip van maken, bijvoorbeeld van Oslo naar Bergen of andersom. Oslo in een weekend (72 uur) is eigenlijk vooral fijn voor je portemonnee, want als je langer in de hoofdstad blijft dan moet je toch echt ergens gaan afwassen. Wij willen zeker nog een keer terugkomen, maar dan om die roadtrip naar Bergen te maken (650+ km) óf helemaal gek gaan en naar het uiterste noorden karren en naar Tromsø (1600+ km) gaan om even het Noorderlicht hallo te zeggen. Yes, die laatste trip kan direct naar je bucketlist.

Instagram